De notulen van de vorige vergadering zijn ter beschikking van de OCMW-raadsleden. Zij kunnen er kennis van nemen via eNotulen. Het verslag van de vorige raad ligt telkens ter goedkeuring voor.
Elk raadslid heet het recht tijdens de zitting opmerkingen te maken over de redactie van de notulen van de vorige vergadering. Als die opmerkingen door de OCMW-raad worden aangenomen, worden de notulen aangepast. Als er geen opmerkingen zijn, beschouwt men de notulen als goedgekeurd en worden ze door de voorzitter van de OCMW-raad en de algemeen directeur ondertekend.
- de omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende het bestuurlijk toezicht en de bekendmakingsplicht in het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Provinciedecreet van 9 december 2005
- het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, meer bepaald artikel 32
- het huishoudelijk reglement voor de gemeenteraad
- verslag vorige zitting
Het verslag van de vorige vergadering wordt goedgekeurd.
Conform de richtlijnen van BBC 3.0 bestaat het meerjarenplan uit 4 onderdelen:
Artikel 1
Het meerjarenplan 2026-2031 wordt vastgesteld.
Artikel 2
De kredieten van het OCMW voor het boekjaar 2026 (M3) worden vastgesteld.
| Kredieten gemeente | Uitgaven | Ontvangsten |
| Exploitatie | 6.157.398 euro | 4.938.187 euro |
| Investeringen | 2.247.500 euro | 775.000 euro |
| Financieringen | 225.552 euro | 0 euro |
Artikel 3
De kerncijfers van het meerjarenplan worden in onderstaande tabel samengevat:
| 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | 2031 | |
| I. Exploitatiesaldo | 1.086.309 | 807.373 | 823.698 | 871.021 | 815.886 | 767.313 |
| II. Investeringssaldo | -3.899.671 | -2.421.980 | -4.233.026 | -3.919.668 | -521.455 | -388.289 |
| IV. Financieringssaldo | -509.069 | 2.489.453 | -513.624 | -593.212 | -606.603 | -621.781 |
| V. Budgettair resultaat van het boekjaar | -3.322.432 | 874.846 | -3.922.952 | -3.641.858 | -312.173 | -242.757 |
| VI. Gecummuleerd budgettair resultaat van het vorig boekjaar | 10.660.689 | 7.338.258 | 8.213.103 | 4.290.151 | 648.293 | 336.120 |
| IX. Beschikbaar resultaat | 7.338.258 | 8.213.103 | 4.290.151 | 648.293 | 336.120 | 93.363 |
| Autofinancieringsmarge | 461.585 | 181.066 | 194.970 | 277.809 | 209.282 | 145.532 |
| Gecorrigeerde autofinancieringsmarge | 855.669 | 622.881 | 670.872 | 515.747 | 264.530 | 284.948 |
De raad voor maatschappelijk welzijn is exclusief bevoegd om de nominatieve subsidies toe te kennen.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Artikel 78, 17° van het decreet over het lokaal bestuur, stelt dat de bevoegdheid om nominatieve subsidies toe te kennen een exclusieve bevoegdheid is van de raad voor maatschappelijk welzijn.
De nominatieve subsidies voor 2026, opgenomen in het vastgestelde meerjarenplan 2026 - 2031, kunnen worden toegekend.
Wijzigingen in 2026 t.o.v. 2025:
- Toelage aan De Haerne Club vzw tbv 100 euro wordt geschrapt.
- Toelage aan Samana Pittem-Egem tbv 250 euro is niet langer nominatief, maar reglementair.
Opmerkingen:
Volgende toelagen worden vanaf 2026 niet meer vermeld op deze lijst omdat het een samenwerkingsovereenkomst betreft en geen nominatieve subsidie:
- Foodsavers Midwest
- De Kapstok Sint-Vincentius
Enig artikel
De nominatieve subsidies 2026 worden toegekend volgens het overzicht in bijlage.
Naar aanleiding van de invoering van de invoering van het diftarsysteem voor restafval en GFT vanaf 1 januari 2026 diende het bestaande retributiereglement voor de ophaling en verwerking van huishoudelijk en daarmee vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen aangepast te worden. Aansluitend daarbij dient ook het bestaande reglement inzake sociale correcties op het retributiereglement op de verkoop van huisvuilzakken afgeschaft te worden, en vervangen door een nieuw reglement inzake sociale correcties.
In het kader van de invoering van het diftarsysteem voor restafval en GFT vanaf 1 januari 2026 werd het retributiereglement betreffende de ophaling en verwerking van huishoudelijk en daarmee vergelijkbare afvalstoffen aangepast en principieel goedgekeurd in de raad van bestuur van 22 september 2025.
De voornaamste wijzigingen zijn als volgt:
Op heden wordt een sociale correctie toegekend aan personen met incontinentieproblemen gezien zij wegens deze medische problemen meer afval produceren. Mits ingeschreven in Pittem als hoofdverblijfplaats, en mits voorlegging van een medisch attest, worden jaarlijks 40 restafvalzakken van 30 liter gratis ter beschikking gesteld.
Deze tegemoetkoming kan niet meer in 'natura' toegekend worden na de invoering van het diftar-regime, gezien de restafvalzakken verdwijnen en vervangen worden door een vaste permanente gechipte kunststofbak. Het is tevens ook een geschikt moment om de doelgroep niet enkel te beperken tot personen met incontinentie, maar ook de personen met een stoma of thuisdialyse hier in op te nemen.
De uitgave is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031, actie ACT-6.4.1, budgetrekening 0949-00/6491059.
Artikel 1
Een jaarlijkse financiële tegemoetkoming wordt toegekend aan inwoners van Pittem die wegens medische redenen incontinentiemateriaal, stomamateriaal of materiaal voor thuisdialyse gebruiken en hierdoor meer restafval produceren.
Artikel 2
Om in aanmerking te komen voor de tegemoetkoming moet de aanvrager:
Artikel 3
De tegemoetkoming bedraagt 40 euro per jaar per rechthebbende. Indien de rechthebbende in de loop van het jaar in de gemeente komt wonen, wordt de tegemoetkoming berekend per twaalfden (1 maand is 3,33 euro), waarbij de begonnen maand als volledige maand meegeteld wordt.
Artikel 4
De tegemoetkoming wordt rechtstreeks gestort op de digitale rekening van de aanvrager, gekoppeld aan de restafvalbak van het betrokken adres en bewoner door de financiële dienst van OCMW Pittem, na goedkeuring van de aanvraag door het Bijzonder Comité van Sociale dienst.
Artikel 5
Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en vervangt het gemeentelijk reglement inzake sociale correcties op het retributiereglement op de verkoop van huisvuilzakken, zoals vastgesteld in de gemeenteraad 26 januari 2004.
De samenwerkingsovereenkomst van de Regionale Dienst Schuldbemiddeling loopt ten einde op 31 december 2025. Er werd een nieuwe overeenkomst opgemaakt voor de periode 2026-2031 die ter goedkeuring voorligt.
Daarnaast wordt ook de overeenkomst in het kader van het decreet van 24 juli 1996 houdende de regeling van de erkenning van de instellingen voor schuldbemiddeling in de Vlaamse Gemeenschap voorgelegd ter goedkeuring.
Artikel 56-57 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikel 78 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Decreet van 24 juli 1996 houdende regeling tot erkenning van de instellingen voor schuldbemiddeling in de Vlaamse Gemeenschap.
Artikel 1675/17§1 van het Gerechtelijk Wetboek.
Artikel VII 115 van het Wetboek Economisch Recht.
Artikel 298 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Beslissing van de Vlaamse Minister van Cultuur, Gezin en Welzijn van 5 juli 1999.
De Wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet, introduceerde het concept van schuldbemiddeling en omschrijft het als volgt: “de dienstverlening, met uitsluiting van het sluiten van een kredietovereenkomst, met het oog op het tot stand brengen van een regeling omtrent de wijze van betaling van de schuldenlast die geheel of ten dele uit een of meer kredietovereenkomsten voortvloeit.” (art 1, 13° WCK) Deze wet werd geïncorporeerd in het Wetboek Economisch Recht (afgekort als W.E.R.) en het concept van schuldbemiddeling werd behouden onder art. I.9, 55° W.E.R.
Hetzelfde wetboek verbiedt schuldbemiddeling behalve wanneer zij wordt uitgevoerd door: “(…) een advocaat, een ministerieel ambtenaar of een gerechtelijke mandataris in de uitoefening van zijn beroep of zijn ambt; of (…) door overheidsinstellingen of door particuliere instellingen die daartoe door de bevoegde overheid zijn erkend” (art. VII 115 W.E.R.). De respectievelijke Gemeenschappen bepaalden welke overheidsinstellingen en particuliere instellingen erkend konden worden en op welke manier.
Op 24 juli 1996 legde de Vlaamse wetgever de erkenningsprocedure voor de instellingen voor schuldbemiddeling in een decreet vast. Volgens dit decreet komen voor een erkenning in aanmerking:
Mits ze voldoen aan volgende voorwaarden:
Het Besluit van de Vlaamse Regering van 25 maart 1997 voert bovenvermeld decreet uit en specifieert o.m. op welke wijze OCMW ’s hun erkenning kunnen bekomen.
Bovendien bepaalt artikel 1675/17§1 Gerechtelijk Wetboek dat een OCMW als schuldbemiddelaar kan optreden in procedures collectieve schuldenregeling indien zij daartoe door de bevoegde overheid is erkend.
Aansluitend hierbij is in het artikel 298 van het Decreet Lokaal Bestuur voorzien dat het vast bureau, of desgevallend de raad voor maatschappelijk welzijn een personeelslid van een ander openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn op basis van een samenwerking van openbare centra voor maatschappelijk welzijn, aanwijzen om namens het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn te verschijnen in rechte, alsook het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn te vertegenwoordigen in dossiers collectieve schuldenregeling.
Teneinde af te stemmen op bovenvermelde regelgeving en op beide manieren aan schuldbemiddeling te kunnen doen, ondertekenden een aantal besturen waaronder ocmw Pittem in 1999 een samenwerkingsprotocol in navolging waarvan OCMW Roeselare een jurist in dienst nam die alle deelnemende besturen ondersteunde op vlak van schuldbemiddeling. Deze dienst, gehuisvest binnen OCMW Roeselare, biedt de deelnemende OCMW's ondersteuning op het vlak van collectieve schuldenregeling. Daarnaast staat de dienst in voor juridisch advies inzake schuldhulpverlening aan maatschappelijk werkers van de deelnemende OCMW's.
De voorbije 25 jaar had OCMW Pittem een goede samenwerking binnen de Regionale Dienst Schuldbemiddeling. Tijdens deze periode werd meerdere malen gevraagd om de samenwerking te evalueren en bij te sturen.
De huidige samenwerkingsovereenkomst loopt ten einde op 31 december 2025. Er werd een nieuwe overeenkomst opgemaakt voor de periode 2026-2031 die ter goedkeuring voorligt. Daarnaast werd ook een overeenkomst in het kader van het decreet van 24 juli 1996 houdende de regeling van de erkenning van de instellingen voor schuldbemiddeling in de Vlaamse Gemeenschap opgemaakt. Deze werd opgemaakt om in orde te blijven met de voorwaarden om als erkende instelling voor schuldbemiddeling te kunnen bestaan.
Deze samenwerkingsovereenkomst legt de afspraken tussen de besturen vast en geeft aan hoe de besturen in de toekomst zullen samenwerken rond schuldbemiddeling.
Personeel
De Regionale Dienst is gehuisvest in de Gasthuisstraat 10, 8800 Roeselare, ingebed in team CSR van het OCMW van Roeselare en staat onder de dagelijkse leiding van de coördinator-diensthoofd van dit team.
Volgend personeel wordt ingezet:
Deze inzet kan uitgebreid worden wanneer uit de opvolging van de werking en evaluatie van de dienstverlening de noodzaak daartoe zou blijken, op voorwaarde dat hierover consensus is binnen de algemene vergadering van de regionale dienst schuldbemiddeling.
Aanbod
Vergoeding
De kosten die door de RDSB gemaakt worden bestaan uit:
Bijdrage per bestuur:
De totale kostprijs wordt, na aftrek van de ontvangen erelonen, verdeeld onder de besturen. Deze verdeling gebeurt op basis van verschillende verdeelsleutels:
In deze verdeelsleutel worden volgende personeelskosten aangerekend:
Verdeelsleutel:
In deze verdeelsleutel worden volgende personeelskosten aangerekend:
Verdeelsleutel:
In deze verdeelsleutel worden volgende personeelskosten aangerekend:
Verdeelsleutel:
De overheadkosten worden aangerekend aan 15% op de reële personeelskost van de dossierbeheerders, de administratief medewerker en de jurist.
De overheadkosten worden verdeeld onder de besturen op basis van solidariteit (aantal inwoners volgens de laatst gekende gegevens).
Rapportering
2x per jaar worden de cijfers toegelicht op de Algemene Vergadering. Tijdens deze vergadering wordt de rekening en de begroting ook voorgelegd. Indien nodig kan er een bijkomende Algemene Vergadering worden georganiseerd.
Het is belangrijk om dit goed uitgebouwd aanbod en het opgebouwde vertrouwen door de maatschappelijk werkers van de regio met het OCMW Roeselare te continueren.
Het OCMW Pittem kan door de verlenging van deze samenwerkingsovereenkomst haar professionele trekkersrol binnen de regio op het vlak van schuldbemiddeling verderzetten en voortdurend blijven verbeteren.
Zie meerjarenbegroting
Artikel 1:
De samenwerkingsovereenkomst Regionale Dienst Schuldbemiddeling en de overeenkomst in het kader van het decreet van 24 juli 1996 houdende de regeling van de erkenning van de instellingen voor schuldbemiddeling in de Vlaamse Gemeenschap, zoals voorgesteld in bijlage, wordt goedgekeurd voor de periode 2026- 2031.
Voor de realisatie van het nieuwe Welzijnshuis is het noodzakelijk om de bestaande woningen aan Koolskampstraat 42 en 44 te slopen. Deze woningen zijn eigendom van OCMW Pittem.
Daarnaast dient de woning Baertstraat 1 afgebroken te worden, ter uitbreiding van de groenzone aan het bufferbekken. Deze woning is eigendom van Gemeente Pittem.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
De wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 41, §1, 2° (het geraamde bedrag excl. btw overschrijdt de drempel van € 750.000,00 niet).
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.
In het kader van de opdracht “Slopen van 3 woningen met bijgebouwen te Pittem” werd een bestek met nr. OO-1539 opgesteld door de technische dienst.
Zowel OCMW Pittem als Gemeente Pittem wensen woningen te slopen. Om efficiëntie te waarborgen, wordt voorgesteld om beide opdrachten samen in te bundelen in één bestek, opgedeeld in 2 percelen.
Deze opdracht is opgedeeld in 2 percelen:
De totale uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 74.455,00 excl. btw of € 90.090,55 incl. 21% btw.
Er wordt voorgesteld de opdracht te gunnen bij wijze van onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
Gezien de aard en omvang van de sloopwerken, de noodzaak tot een efficiënte uitvoering en het feit dat de werken plaatsvinden op meerdere gemeentelijke locaties, wordt geopteerd voor een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking. Hierbij worden geselecteerde lokale aannemers uitgenodigd, die bekend zijn met de gemeentelijke locaties en de lokale omstandigheden, waardoor een vlotte organisatie en uitvoering van de werken wordt gegarandeerd.
De uitgave voor deze opdracht is voorzien in
Het bestek met nr. OO-1539 en de raming voor de opdracht “Slopen van 3 woningen met bijgebouwen te Pittem”, opgesteld door de technische dienst worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt € 74.455,00 excl. btw of € 90.090,55 incl. 21% btw.
De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal niveau.
De uitgave voor deze opdracht is voorzien in
Er zijn geen variapunten.
Namens OCMW-raad,
Carl Couckuyt
Algemeen directeur
Arne Min Jou
Voorzitter